Het is belangrijk om regelmatig te trainen op 1-tegen-1 situaties
Het is belangrijk om regelmatig te trainen op 1-tegen-1 situaties

Vier oefeningen voor het uitspelen van 1-tegen-1 situaties

Het winnen van duels is een van de belangrijkste onderdelen van voetbal. Als verdediger kan verlies van een duel direct leiden tot een tegendoelpunt. Als spits moet je je tegenstander voorbij kunnen om te scoren. Daarom is het belangrijk om regelmatig te trainen op 1-tegen-1 situaties. 

Deze oefeningen zijn het meest geschikt voor spelers Onder 10 & Onder 11. 

1. Het duel

Twee spelers staan tegenover elkaar in een smal veld (lengte twintig meter, breedte tien meter). Aan weerszijden van het veld ligt een scoringsvak met een lengte van twee meter. De twee spelers gaan het duel aan, waarbij beide spelers de bal in het tegenovergestelde scoringsvak moeten krijgen. De winnaar blijft staan, de verliezer wisselt. Moeilijkheidsgraad verhogen? Maak het veld smaller of het scoringsvak kleiner. 


2. Vier doeltjes

Hetzelfde principe als hierboven, echter wordt hier gewerkt met vier doeltjes (twee aan weerszijden) en een breder veld (dertien tot vijftien meter). Beide spelers beginnen bij hun eigen doeltjes, waarvan één speler met de bal. Ze mogen beiden scoren. Deze oefening maak je moeilijker door de verdedigende speler in het veld te laten starten (zo is er eerder druk op de bal), of door het veld kleiner te maken. 


3. Twee tegen twee

Start met vier spelers, verdeeld over twee teams, op een veld van twintig bij tien meter.  Aan weerszijden staat een klein doeltje. Eén speler van het aanvallende team start met de bal en speelt die direct naar zijn teamgenoot. Het duel wordt daarna uitgespeeld tot het aanvallende team scoort of het verdedigende team de bal over de lijn dribbelt. 


4. Dribbelend tikkertje

In deze oefenvorm met acht spelers heeft elke speler een eigen bal, waarmee hij over een vierkant veld dribbelt. Er zijn twee tikkers, die ook een bal hebben. Zij moeten al dribbelend zoveel mogelijk spelers af tikken binnen een minuut. Spelers die buiten het vierkant dribbelen zijn ook af. Deze oefening maak je moeilijker door de tikkers zonder bal te laten rennen. Eventueel kan je ervoor kiezen om spelers die zijn getikt ook te laten tikken. 

Terug
Andere content